De eerste stap: linzen zaaien en laten ontkiemen
Als je linzen wilt laten groeien, begin je met het zaaien van de kleine zaden. Gebruik een stukje voedzame tuingrond die niet te nat is. Linzen zijn eenjarige plantjes, dat betekent dat ze elk jaar opnieuw gezaaid moeten worden. In het voorjaar wanneer de kans op vorst klein is, mag je de zaden direct op de plek leggen waar ze moeten blijven staan. Leg de zaden een paar centimeter uit elkaar en druk ze lichtjes de aarde in. Na ongeveer een tot twee weken komen de eerste sprietjes tevoorschijn. Het is een mooi gezicht om de jonge plantjes elke dag iets groter te zien worden. De groei begint langzaam, maar al snel zie je kleine groene blaadjes groeien.
De plant groeit verder: stengels, bladeren en bloei
Naarmate de linzenplantjes groeien, ontwikkelen ze dunne stengels en kleine blaadjes. De plantjes blijven meestal vrij laag bij de grond, vaak niet hoger dan veertig centimeter. Toch maken ze een stevig wortelnetwerk. Dat helpt om voedsel uit de bodem op te nemen. Na enkele weken verschijnen er kleine bloemetjes aan de planten. Deze bloemetjes zijn wit, lichtblauw of lila van kleur. Ze zorgen ervoor dat er later peulen komen. De linzenplant is niet heel gevoelig voor ziektes en past zich snel aan verschillende bodemsoorten aan. Zonnig en droog weer helpen bij een goede groei. Tijdens regenachtige periodes is het slim op te letten dat de grond niet te nat blijft, want natte voeten vinden de wortels niet fijn.
Van bloei naar oogst: de vorming van peulen en zaden
Na de bloei volgt de vorming van peulen, waarin de linzenzaden groeien. In elke peul zitten meestal twee kleine, ronde zaadjes. De peulen groeien snel en veranderen langzaam van kleur, van frisgroen naar lichtbruin zodra ze rijp zijn. Dit duurt meestal zo’n vijftig tot honderd dagen, afhankelijk van het weer en de soort linzen. Wanneer de peulen droog en knapperig aanvoelen, zijn de zaden klaar om geoogst te worden. Knip de planten boven de grond af en laat ze even drogen op een warme, luchtige plek. Hierna breken de peulen makkelijk open en kun je de zaden eruit halen. Laat de zaden nog wat verder drogen voordat je ze opbergt of gebruikt in de keuken.
Zelf linzen kweken in de moestuin of op het balkon
Ook zonder veel ruimte kun je linzenplanten laten groeien. Een zonnig plekje in de tuin of een diepe bloembak op het balkon werkt prima. Zorg dat de planten voldoende licht krijgen en geef alleen water als de grond erg droog is. Linzenteelt vraagt niet om veel meststoffen, omdat de planten zelf goed stikstof uit de lucht kunnen halen. Dit is handig want het maakt de bodem vaak zelfs beter voor andere planten. Door af en toe voorzichtig tussen de planten te wieden, geef je de jonge linzen meer ruimte om te groeien. Om schade door vogels of insecten te voorkomen, kun je tijdelijk een fijn net over de jonge plantjes leggen, vooral als ze net opkomen. Met een beetje geduld kun je vaak voor het einde van de zomer de eerste peulen oogsten, een kleurrijke en smakelijke beloning uit eigen tuin.
Meest gestelde vragen over hoe groeien linzen
-
Wanneer kun je linzen het beste zaaien?
Linzen kun je het beste zaaien in het voorjaar, zodra het niet meer vriest. De grond moet opwarmen voordat de zaden goed gaan kiemen. -
Welke soort grond vinden linzenplanten fijn?
Linzenplanten groeien het liefst op een voedzame, luchtige grond die niet te nat is. Zware kleigrond of hele natte plekken zijn niet geschikt. -
Moet je veel water geven aan linzen?
Je hoeft linzen niet veel water te geven. Alleen als het heel droog is, is een beetje water nodig. Te natte grond vinden de wortels niet prettig. -
Hoe herken je wanneer linzen geoogst kunnen worden?
Je kunt linzen oogsten als de peulen aan de plant bruin en droog zijn. Dan zijn de zaden hard en makkelijk uit de peul te halen. -
Kun je linzen thuis in een pot laten groeien?
Het is mogelijk om linzen in een grote pot te laten groeien zolang de planten genoeg zon krijgen en de pot diepe aarde heeft. Zorg dat er gaten in de bodem van de pot zitten, zodat overtollig water weg kan lopen.



